Stoombok ‘Simson’ De stille kracht
Al sinds er in wat nu Nederland heet, mensen onder zeespiegelniveau wonen, zijn wegen gezocht om het water het hoofd te bieden. En zelfs méér dan dat: om uit het water nieuw land te winnen.
Gedurende de afgelopen eeuwen zou Nederland op het gebied van waterbouw hét toonaangevende land ter wereld worden. Een land dat waterwegen maakte om, in eigen land én wereldwijd, havens te ontsluiten. Dat zijn delta, én deltagebieden over de hele wereld, water- en windbestendig maakte. Dat vooropliep, loopt en zal lopen in de globale energietransitie. Wij zetten boorplatforms op z’n plek en ruimen ze tegenwoordig net zo makkelijk weer op. We plaatsen windmolens, leggen onderzeese kabelnetwerken aan. Of het nou gaat om de aanleg van een kunstmatig rif om de groei van koraal te bevorderen of het opruimen van een verongelukte kernonderzeeër; geen uitdaging is te groot.
Een iconisch object
De collectie en de activiteiten van het Maritiem Museum Rotterdam getuigen van die lange Nederlandse drang tot innovatie, het volbrengen van grootse waterwerken die op het eerste gezicht onmogelijk leken. Het klapstuk binnen de collectie ‘Nederland-Waterwerkland’ bevindt zich niet ín het museum, maar in de Museumhaven: de drijvende bok ‘Simson’.
De ‘Simson’ was destijds – we spreken over de jaren ’50 van de twintigste eeuw – de sterkste drijvende bok in zijn soort met een hefvermogen van niet minder dan 250 ton. Een onmisbare pijler van de wederopbouw, niet alleen van Rotterdam, maar van de complete Nederlandse economie. Het herstel van de Rotterdamse haven na de Tweede Wereldoorlog duurde nog geen tien jaar. Zonder zware machines als de ‘Simson’ zou zoiets onmogelijk zijn geweest. Tegenwoordig is het de laatste drijvende bok in Nederland uit die periode. Wereldwijd zijn er zelfs maar minder dan tien van dit soort werktuigen bewaard gebleven.
Waar iconische schepen vaak de geschiedenis van handel en zeevaart vertegenwoordigen, vertelt de ‘Simson’ een ander, maar minstens zo belangrijk verhaal: het verhaal van arbeid, techniek en infrastructuur. De bok maakt zichtbaar hoe de haven daadwerkelijk werd gebouwd en is daarmee een zeldzame getuige van industriële en maritieme geschiedenis.
Grotendeels authentiek
Wat de ‘Simson’ mede bijzonder maakt, is dat de bok nog grotendeels in authentieke staat verkeert. Aan boord bevinden zich originele technische installaties en voorzieningen: de machinekamer, het kabelgat, de ketelruimte, verblijfsruimten en de kombuis. De ‘Simson’ is daardoor een ware tijdcapsule. Bezoekers kunnen letterlijk door het verleden bewegen en ervaren hoe techniek, arbeid en dagelijks leven aan boord samenkwamen. Deze ruimtelijke en zintuiglijke kwaliteit maakt de bok uitzonderlijk geschikt voor publieksgerichte erfgoedpresentaties. De ‘Simson’ heeft daarbij nóg een groot voordeel: zijn omvang. Zonder de historische waarde veel geweld aan te doen, kunnen aan boord voorzieningen worden gerealiseerd zodat ook bijvoorbeeld minder mobiele mensen het verblijf onderdeks kunnen ervaren. Of wat dacht je van een voorziening in de enorme giek, zodat publiek vanaf een hoogte van pak hem beet dertig meter de historische Leuvehaven en het gebied eromheen kan overzien? Wie een beetje fantasie heeft, ziet in de ‘Simson’ niet alleen belangwekkend historisch mobiel erfgoed, maar ook talloze mogelijkheden voor een unieke ‘bezoekerservaring’. Door de combinatie van authenticiteit, fysieke beleving en historische context kan de Simson uitgroeien tot een van de meest bijzondere erfgoedlocaties van Rotterdam. Het Maritiem Museum wil dan ook de restauratie van de bok ‘Simson’ aangrijpen om op dit object een gloednieuwe presentatieplek over Waterbouw te realiseren.
Museale relevantie
De ‘Simson’ is zowel symbolisch als concreet een beeldbepalend object in de Rotterdamse Leuvehaven. Zelfs nu het gebied rond de haven wordt gevuld met hoogbouw blijft de bok een markant punt in het centrum van Rotterdam. Voor de museale relevantie van de ‘Simson’ gelden twee kernbegrippen: waterbouw en innovatie. Voor de – verre – toekomst staan in Nederland allerlei grote plannen te wachten. Nog niet in de steigers misschien, maar ze zíjn er al wel. Voor bijvoorbeeld het verleggen van de Nederlandse kustlijn naar het westen tot ‘energiehubs’ in de Noordzee, getijdecentrales, zeewierboerderijen – te veel om op te noemen. Het zijn in elk geval stuk voor stuk plannen waarvoor zwaar materieel (nog aanzienlijk zwaarder dan de ‘Simson’ destijds) noodzakelijk is.
De urgentie van behoud
Het behoud van de ‘Simson’ is urgent. Grote historische werkvaartuigen brengen aanzienlijke onderhouds- en restauratiekosten met zich mee. Zonder structurele investeringen bestaat het risico dat een unieke vertegenwoordiger van de Rotterdamse haven- en arbeidsgeschiedenis verloren gaat. Wanneer de ‘Simson’ zou verdwijnen, gaat niet alleen een historische stoombok verloren, maar ook een onmisbaar materieel bewijs van de technische, economische en sociale ontwikkeling van Rotterdam en Nederland. Dit verlies zou niet alleen de stad Rotterdam raken, maar ook het nationale en zelfs internationale maritieme erfgoed.